|
Nieuws/Home
Bridgelinks
Archief
Bridgeclubs
Organisatie
Organisatie
ALV's & Verslagen
Kalender 11-12.pdf
Opleiding & Kader
Toekomstdrive
Cursussen & docenten
CL-A & CL-B cursus
Kaderdag
Wedstrijden info
Districts Competities
Viertallen informatie
Zomeravonddrives
Toernooien & drives
Uitslagen District
Arbitragehoek
| |
Claim en verzaking
|
Wedstrijdtype: |
Viertallen |
|
Niveau: |
1e Kl |
|
Deler: N
Kw: NZ |
A
H 10 6 4
B
B
10
9 7 6 5 2 |
Contract: 4 
Leider: Noord |
|
V
B 8 7
V
10 8 7
H
4 2
H
3 |
 |
5
5
4 3 2
A
10 9 6 3
B
8 4 |
|
|
9
3 2
A
H 9 6
V
8 7 5
A
V |
|
|
biedverloop |
Toelichting (kort, anders in de tekst opnemen) alerts,
denkpauzes, etc. |
|
west |
noord |
oost |
zuid |
|
|
|
|
|
Biedverloop is niet
van belang |
|
|
|
|
|
Het eindigt in 4♠, te
spelen door Noord |
|
|
|
|
|
Aan de andere tafel
(viertallen) is het resultaat 4♠ -1 |
|
|
|
|
|
|
Probleemstelling:
Na 10 slagen zijn de vet onderstreepte
kaarten nog in het spel. NZ hebben 6 slagen en Noord is aan slag. De troeven
zijn er uit. Bij normale voortzetting is de rest van de slagen voor OW, voor 4♠
-4.
In slag 11 speelt Noord ♣7, Oost ♦10 (en
verzaakt dus), Zuid ♦7 en West
♦2. Noord ziet geen klaveren vallen en merkt op
“O, dan heb ik verkeerd geteld”, en laat na een seconde of 2 zijn resterende
klaveren zien om de rest van de slagen te claimen. Bij geldige claim zou het
spel zou eindigen op 4♠ -1.
Dan maakt Oost bezwaar met zijn ♣B, en komt de verzaking aan het licht. De
arbiter wordt geroepen.
Mijn redenering is dat OW nog niet in de
volgende slag hebben gespeeld. De verzaking is dus niet voldongen,
♦10 wordt een grote strafkaart voor Oost, en
slag 11 gaat alsnog naar ♣B van Oost. ♦2 van
West is in principe ook een strafkaart, maar we kunnen er veilig van uit gaan
dat die in de nieuwe slag 11 weer gespeeld wordt. Slag 12 en 13 zijn voor
♦H en ♦A van OW,
voor een resultaat 4♠ -4. Dat is dan ook mijn initiële beslissing.
Met 4♠ -4 zijn NZ tekort gedaan. OW
verzaken, en worden daar niet voor gestraft. Na de claim wordt er niet verder
gespeeld, en is de verzaking in feite voldongen. OW krijgen dan wel slag 12 en
13, maar moeten die weer overdragen, zodat NZ met slag 11 en beide overgedragen
slagen op 4♠ -1 uitkomen.
Door te claimen zou NZ 3 slagen kunnen
verdienen. NZ is niet de overtredende partij, dus we gaan niet uit van kwade
wil. OW zitten te slapen. Als er niet was geclaimed maar gewoon was doorgespeeld
waren OW misschien niet eens wakker geworden.
De hamvraag lijkt me wanneer de verzaking
voldongen wordt. Is dat:
a)
pas op het moment
dat OW in de volgende slag hebben bijgespeeld (Art. 63A1)
b)
als er t.g.v. de
claim niet meer verder gespeeld mag worden (Art. 68D)
c)
op het moment dat
Oost, na voorspelen van Noord in de 12e slag, aan de beurt is en zijn
verzaking bemerkt (niet zo te vinden in de Spelregels, maar zit wel heel dicht
tegen Art 63A1 aan)
In mijn beslissing ben ik uitgegaan van de eerste
mogelijkheid, maar zie eigenlijk niet waarom b), of zelfs c) niet van toepassing
zou zijn.
Antwoord
Evert Angad-Gaur :
Er wordt 4Sch gespeeld door NZ. Er zijn 10
slagen gespeeld , waarvan 6 slagen voor de NZ-partij en Noord is aan slag. Dus
Zuid is dummy en OW zijn de tegenspelers.
In de 11-de slag speelt Noord Kl 7 voor en
Oost verzaakt met Ru 10. Na deze slag voordat OW in de 12-de slag gespeeld
hebben claimt Noord de laatste 2 slagen, omdat Noord denkt dat zijn resterende
twee klaverkaarten vrij zijn. Helaas is dat niet zo, omdat Oost in de vorige
11-de slag verzaakt heeft. Voor het vervolg is het nu belangrijk vast te stellen
of de verzaking van Oost voldongen is.
Volgens artikel 63 is de verzaking van Oost
niet voldongen. Dat Noord claimt (is actie van Noord) betekent dat het
spelen ophoudt (68D) maar niet dat OW zelf gespeeld hebben (OW
zijn in deze passief) en dus heeft Oost als overtreder niet gespeeld (Ook
West heeft niet gespeeld) en dus is de verzaking niet voldongen. In artikel 63
staat duidelijk dat een verzaking pas voldongen wordt als minstens één van de
spelers van de overtredende partij (dus OW) in de volgende slag een kaart speelt
(63A1), een kaart aanduidt die zij gaan spelen (63A2), claimt door slagen op te
eisen, af te staan of instemt met het opeisen of afstaan door de
niet-overtredende partij (63A3).
Wat er nu moet gebeuren is wat je initieel besloot. Het spelen houdt op omdat
Noord claimt (art 68D). De verzaking is niet voldongen zoals hierboven
aangegeven. Na de claim van Noord realiseert Oost zich meteen dat hij Kl B nog
heeft. Je zou ook kunnen zeggen dat Noord de OW partij erop wijst dat ze
verzaakt heeft en aangezien de verzaking nog niet voldongen is zal dit hersteld
moeten worden. De WL zal conform artikel 70A een resultaat moeten vaststellen.
Slag 11 wordt dan na herstelling van de verzaking (art. 62) alsnog voor de
OW-partij en door Oost gewonnen met Kl B. Ru 10 wordt een grote strafkaart die
Oost conform art. 50D in de 12-slag moet voorspelen voor Ru H van West, waarna
West zijn laatste Ru in de 13-de slag speelt voor Ru A van Oost. Laatste 3
slagen (11-de, 12-de en 13-de) zijn dan voor OW. De NZ-partij blijft met hun
eerdere 6 slagen zitten en het resultaat wordt dan 4Sch-4.
De vraag wanneer een verzaking voldongen wordt moge nu duidelijk zijn. Dat geldt
ook voor de 12-de slag. Alleen moet een voldongen verzaking in de 12-de slag
hersteld worden als aan art 62D1 voldaan is. Verder staat over de 12-de slag ook
het een en ander in art64B6.
|