NBB District Delft

Denken en passen


 

Nieuws/Home
Bridgelinks 
Archief
Bridgeclubs

Organisatie
Organisatie
ALV's & Verslagen
Kalender 11-12.pdf

Opleiding & Kader
Toekomstdrive
Cursussen & docenten

CL-A & CL-B cursus
Kaderdag

Wedstrijden info
Districts Competities
Viertallen informatie
Zomeravonddrives
Toernooien & drives

Uitslagen District 

Arbitragehoek

Calco Nederlandse Kampioenschap kwartfinale 2006

West/OW

  A V T 9

  T 3

  A V 7 4

  A B  5 4

 

biedverloop

Toelichting

west

noord

oost

zuid

  1SA

  2

…..pas

   pas

  1 SA = 15-17, SA-verdeling

  2

 Arbiter

 

 

  ……. Pas , denkpauze en dan pas.

Probleemstelling:

Noord kent de kaarten van West niet maar vindt het vreemd gezien de 1SA-opening van West dat deze nu nog 2Sch biedt en wil zijn rechten voorbehouden.
Wedstrijdleider (WL) stelt vast dat Oost gedacht heeft. Bewering van Oost is dat hij gedacht heeft en dat dat toch moet kunnen omdat bridge een denksport is.
West wordt apart van tafel meegenomen door de WL en West vindt dat hij toch mag bieden wat hij wil. Hij wilde zijn 4-kaart Sch laten horen.
De WL laat het bieden doorgaan en OW spelen 2NT. Wat beslist de WL na afloop van het spelen.

Antwoord:

Denken door Oost mag, want bridge is een denksport. Dat klopt, maar als Oost na het denken past, dan voelt iedereen aan tafel best aan dat Oost bezit zal hebben waarover hij nagedacht heeft. En hier mag zijn partner na de pas van Oost geen gebruik van maken. Dat is zoals men dat noemt een ongeoorloofde informatie voor zijn partner West. West mag alleen biedingen doen die normaal gesproken door het merendeel van de spelers van zijn niveau gedaan zou worden als Oost op een normale wijze (vlot) gepast zou hebben.

Na het openen van 1SA heeft West zijn hand heel duidelijk omschreven en het daarna bieden van 2Sch is beslist niet iets wat spelers na een vlotte pas van hun partner zouden bieden. Dus het bieden van  2 kan  heel goed ingegeven zijn door de aarzeling van de partner Oost en dat mag niet.

In dit geval ging 2NT 2 down voor een score van +200 voor NZ, terwijl   2 precies gemaakt zou worden voor een score van +110 voor NZ.  Aangezien NZ door deze overtreding geen nadeel ondervonden hebben laat de WL de score van +200 voor NZ staan en legt de OW spelers uit dat zo’n bieding van   2 volgens de spelregels niet kan.

Als het in het nadeel van de NZ-spelers zou zijn uitgepakt dan was het toch teruggedraaid naar het spelen van   2 door de NZ partij. Stel dat OW niet kwetsbaar waren geweest dan was het resultaat niet +200 maar +100 voor NZ geworden en dat is minder dan +110. In dit geval zou het teruggedraaid zijn naar een kontrakt van  2  voor NZ.

Dus denken mag (bridge is een denksport) alleen kan dit (en zeker bij denken en daarna passen of doubleren) leiden tot beperking in het bieden van de partner.